Maandelijks archief: januari 2016

52 boeken, #3 Gedichten die vrouwen aan het huilen maken

Met poëzie heb ik een… ehm, hoe zeg ik dat netjes?… speciale band. Eigenlijk heb ik er gewoon geen band mee. Niks. Niets.
Ik krijg de diepte niet te pakken die menig poëzieschrijver ongetwijfeld voor ogen heeft op he moment dat het geschreven wordt. Ik word er zelfs een beetje kriegel van. Kan er ook helemaal niets mee.
Zegt waarschijnlijk meer iets over mij, dan over al die beroemde en mooie poëten!
Ik vind het niet erg en ik ben er van overtuigd dat al die dichters het mij ook wel vergeven.
Iets anders is het als iemand een gedicht aan mij voorleest. De juiste toon weet te vinden en dat op mij overbrengt. Dan snap ik ineens zo goed wat er bedoeld wordt en vang ik de emotie van het stuk ineens wel.
De eerste keer dat dit gebeurde was tijdens de film ‘Four weddings and a funeral’. Het moment dat één van de hoofdrolspelers de liefde van zijn leven verliest en in de kerk het mooiste gedicht ooit geschreven (wat mij betreft) voordraagt biggelden de tranen over mijn wangen. De pijn, het verdriet, alles kwam bij elkaar in dit ene gedicht.
Afgelopen kerst kwam de film – zoals ieder jaar met kerst – weer op televisie.
Op het werk deelden we met elkaar de guilty pleasure van het voor de zoveelste keer die ene film kijken, opgekruld op de bank onder een dekentje met een lekker glas wijn en een schaaltje chips binnen handbereik.
Ik vertelde dat ik het gedicht in deze film zo ontzettend mooi vond.
Een collega keek me aan en zei toen: ‘Dan is dat boekje dat is samengesteld door Isa Hoes iets voor jou! Gedichten die vrouwen aan het huilen maken. Hij staat erin. Samen met nog meer gedichten die ontroeren.’
Van mijn cadeaubon in het kerstpakket kocht ik dus voor het eerst in mijn leven een gedichtenbundel.
Op bladzijde 52 staat het inderdaad geschreven. Als favoriet van Fidan Ekiz. Eerlijkheid gebiedt te zeggen dat ik het in het Engels mooier vindt dan in het Nederlands, maar… hij staat erin!
Ik ging verder met lezen. Iedere avond één of meerdere gedichten. Soms moeten ze even landen, dan heb je er aan één meer dan genoeg.
En gek genoeg ben ik de gedichten gaan waarderen.
Het gedicht dat Gerdi Verbeet uitzocht ontroerde me enorm. Ik heb het gelezen, opnieuw gelezen, een ezelsoortje in de hoek gevouwen en wederom gelezen.
Ook het lieve gedichtje dat Herman Brood aan zijn dochter Lola naliet bracht een brok in mijn keel.
Rauw, ongepolijst, maar o zo mooi! Zo… Herman!
Renate Dorrestein, Myrthe van der Meer, Isa hoes zelf. Allemaal hebben ze gedichten waar ik wel iets mee kon. Ik vind het een aanrader dus! Gewoon, voor op het nachtkastje. Om ‘s-avonds nog eventjes eentje te lezen. Om ontroerd te raken of te glimlachen.
Is wel mooi, in deze week van de poëzie!

Gedichtendie

Advertenties

Veel fietsplezier! (brief aan onze nieuwe fietseigenaren)

Beste nieuwe eigenaars van onze fietsen!

Allereerst wil ik jullie complimenteren met de keuze van deze twee geweldige fietsen. Niet alleen zijn ze mooi om te zien, maar ze rijden echt heerlijk!
Ik kan dat weten, want de afgelopen anderhalf jaar heb ik er menig kilometertje op weggetrapt. Met zeven versnellingen zit je in no time van niets naar pakweg 23 kilometer per uur! Niet dat ik deze snelheid veel haalde, haha, zo’n sportieveling op de fiets ben ik nu ook weer niet. Nee, ik (en mijn lief ook eigenlijk) gebruikte de fiets voornamelijk voor woon-werkverkeer en een snelle boodschap bij de supermarkt in het dorp. Natuurlijk gebruikten we ze ook weleens om in de stad een biertje te gaan drinken, een fiets voelt dan nét iets veiliger dan een auto. Laten we eerlijk zijn.
Maar eigenlijk hebben we onze fietsen voornamelijk gebruikt om de noodzakelijke centen bij elkaar te verdienen, zodat er eten en drinken op de plank is. Ja, ook wij hebben dat dagelijks nodig om te overleven. Natuurlijk namen we het er ook weleens van, de boog kan immers niet altijd gespannen staan. Maar, met twee keer 36 uur op de teller heb ik het gevoel dat we dat ook zo af en toe weleens verdienen. We werken er tenslotte hard genoeg voor. Ik neem aan dat jullie dat wel begrijpen? 🙂
Het was dan ook best wel een verassing dat we vanmorgen klaar stonden om onze bazen weer te verblijden met onze 100% inzet en we tot de ontdekking kwamen dat er blijkbaar meer mensen een fiets nodig hebben om naar hun werk te komen. Wat we wel jammer vonden is dat er geen briefje achtergelaten was of (en daar stonden we best voor open, hoor!) dat jullie niet gewoon even hadden aangebeld om te vragen of jullie van onze fietsen gebruik konden maken. Tijdelijk of pertinent, alles is bespreekbaar natuurlijk! En voor goede reden zijn ook wij best vatbaar.
Nu moesten we in twee minuten bedenken hoe we één en ander voor elkaar moesten krijgen. Natuurlijk willen we onze bazen niet de dupe laten zijn van het misgrijpen op onze vervoermiddelen en dus hebben we alles op alles gezet om toch op tijd op het werk te komen.
Dat is goddank gelukt! Fijn is dat hè?
We zouden het echt vervelend vinden als mensen die op ons rekenen misgrijpen.
Ach, ik hoef dat jullie natuurlijk helemaal niet uit te leggen, jullie begrijpen dat zo ook wel!

Voor nu wens ik jullie veel plezier met onze geweldige fietsen. Rijd er veel mooie kilometers mee en doe voorzichtig. Een ongeluk zit namelijk in een klein hoekje. Vooral als karma op de loer ligt…

Joolzz & Lief

bike

Zoete dromen

In het kader: help Joolzz fatsoenlijk de nacht door, probeerde ik zo’n beetje alles wat een mens verzinnen kan om te gaan slapen. De meditatie-app wierp z’n vruchten nog het meeste af. Vaak haalde ik het eind van de sessie niet eens – die echt maar 20 minuten duurt – maar bij het lekker op mijn zij draaien werd ik weer wakker van de headset die priemend in mijn oor bleef hangen. Een tweede sessie vind niet alleen ik, maar ook mijn lief iets teveel van het goede.
Ook de chroomtabletjes van de drogist werden getest en zorgden ervoor dat ik vervolgens wakker lag van het brandend maagzuur. Tja, als het middel erger is dan de kwaal, dan is een beslissing snel genomen. De chroomtabletjes verdwenen dus weer in de kast, net als de pure druivensuiker die ik als noodvoorziening op mijn nachtkastje had gelegd, omdat de drogist een te lage suikerspiegel vermoedde, gezien het tijdstip waarop ik iedere nacht opnieuw met open ogen naar het hemel ons hemelbed lag te staren, maar waar ik altijd een beetje misselijk gevoel aan over hield.
Zuchtend surfte ik dus voor de zoveelste keer over het net en kwam de meest bizarre dingen tegen. Cocktails van paracetamol vermengd met Whisky of Gin zouden moeten helpen, maar de kans was dan weer groot dat ik een leveraandoening zou creëren. Die optie streepte ik dus maar weg.
Ook een goed gerolde joint bleek een uitkomst. Maar ja, ik rook niet (meer) en voordat die joint nu inderdaad een goed idee bleek te zijn, maar de verleiding van het weer gaan roken groter zou gaan worden, besloot ik veiligheid voor alles. Geen joint dus.
Via via kwam ik op de site van Rens Kroes. ‘Het zusje van’ inderdaad.
Zij beschreef het wonder van oil pulling. Niet alleen zou het mooie witte tanden en gezond tandvlees kunnen geven, nee, ook je huid gaat stralen (ja hèhè, als Kroes-telg kan je dat makkelijk beweren. Volgens mij hebben zij de stralende huid uitgevonden!), het is goed voor je hormoonhuishouding én… het kan je slaap bevorderen! Daar had ze mijn aandacht toch plotseling te pakken.
Wat moest ik dan doen?
Eigenlijk heel makkelijk. Na het opstaan een lepel koudgeperste olie in mijn mond doen en 20 minuten spoelen. Huh? Zo makkelijk? Ja, eigenlijk wel.
Welke olie moet je gebruiken?
Dat mag van alles zijn, als het maar koudgeperst is. Sesamolie, olijfolie, kokosolie… Die laatste hebben we sinds kort in huis, omdat we daar veel mee bakken. Ideaal, want deze olie is geur- en smaakloos en geeft dus geen bijsmaak aan je eten.
Omdat olie op de vroege ochtend mij niet erg aantrekkelijk leek, heb ik (de eerste keer héél voorzichtig!) een halve eetlepel in mijn mond gedaan en heb dit goedje tijdens mijn yoga-oefeningen door mijn mond laten walsen (klinkt zo gezellig, laten walsen…). Na de yoga heb ik de olie in een stuk keukenrol uitgespuugd en weggegooid (zoals me beloofd was, was de olie behoorlijk wit geworden). Niet door de wc spoelen en zeker niet door de gootsteen! Tenzij je verstoppingen niet erg vindt natuurlijk…
Toen heb ik mijn tanden gepoetst, twee glazen water gedronken en ben de dag gewoon als anders begonnen.
Of het helpen gaat weet ik nog niet, maar het ritueel op zich viel mij alleszins mee. Braakneigingen heb ik niet gehad, kokosolie smaakt ook op de vroege ochtend nergens naar en of ik mijn tanden nu om 05.45 uur poets of om 06.10 uur. Dat maakt niet veel uit natuurlijk.
Voor de zekerheid ben ik gisteren (op aandringen van heel wat lieve en bezorgde collega’s) toch ook maar naar mijn huisarts gegaan en heb een strip van 30 slaaptabletjes opgehaald.
Als de oil pulling niet helpt, kan ik altijd nog wat in mijn mond duwen.
Hoe dan ook, eens zal ik slapen…

kokosolie

52 boeken, #2 Gisèle van Susan Smit

Een van de onderwerpen in mijn blog 52 genres – 52 boeken was: Aangeraden door…
Morgaine was de eerste die een boek voor dit onderwerp aandroeg: Gisèle van Susan Smit. En omdat ik mezelf had opgedragen om het eerste de beste boek dat me werd aangeraden ook gewoon te gaan lezen, zette ik hem op de lijst. Hoewel ik – als ik eerlijk ben – niet echt groot fan ben van Susan Smit.
Ik geloof à la minute dat mijn omgeving mij bij tijd en wijle wat zweverig vindt, maar Susan is zelfs voor mijn doen te wazig. (Sorry Susan!)
Goed.
Voornemen is voornemen en dus toog ik naar de bibliotheek om Gisèle op te halen.
En ik moet zeggen, het boek betoverde me. Het kreeg me in z’n greep.
Hoewel ik me ook regelmatig afvroeg waarom het boek nu eigenlijk Gisèle heette. Ik bedoel, de hoofdpersonen zijn drie mensen: Gisèle, Mies en Jany. En als ik heel eerlijk ben is Jany het middelpunt van de driehoeksverhouding. Hij heeft een liefdesverhouding met Mies, maar ook met Gisèle. Gisèle en Mies ontmoeten elkaar niet veel. Pas in het nawoord werd me duidelijk dat Gisèle degene is waar de schrijfster de gesprekken mee heeft gehad en wat dus de belangrijkste bron voor dit boek was.
De beschrijving van de honger gedurende de oorlog greep me echt aan. Ik voelde mijn eigen maag rommelen en was keer op keer weer blij dat ik een na-oorlogs kind ben.
Hoewel meerdere passages van het boek me ontroerde, was er een stukje bij waarbij de tranen in mijn ogen sprongen. Gisèle is doodongerust over haar moeder tijdens de laatste wintermaanden van de vijf jaar durende oorlog. Als ze besluit om op zoek te gaan naar haar moeder moet ze een bizarre tocht afleggen die haar bijna het leven kost. Verzwakt, onderkoeld en ziek komt ze aan in Friesland. Daar krijgt ze voor het eerst sinds jaren een dikke boterham besmeerd met boter en een plak kaas ernaast. Zelfs een schaaltje yoghurt stond klaar. De gretigheid waarmee Gisèle op het eten aanviel en de prijs die ze daarvoor moest betalen (kotsmisselijk zijn omdat haar maag geen eten meer gewend was), maakte dat ik een paar tranen moest wegslikken.
Het epiloog, waarin alle beschreven personen stuk voor stuk werden uitgelicht maakte het boek voor mij echt af. Ook daar prikten mijn ogen verdacht veel.
Kortom: ik heb genoten van dit boek! Een dikke aanrader voor iedereen.
En Susan… jij ook bedankt voor dit mooie verhaal!

Gisèle

Heimwee

Al bij mijn eerste stap over de drempel waan ik me in een totaal andere wereld. Ik knipper een paar keer met mijn ogen, maar de schappen veranderen niet. Ook de toonbank blijft hetzelfde, een houten kast van donker eikenhout. Aan beide zijkanten staat het vol met glazen potten, houten emmers en hoge blikken. Een ouderwetse weegschaal staat prominent in het midden.
Kruidengeuren prikkelen mijn neus, kamille vermengd met laurier. Tea tree, lavendelolie, de geuren vervliegen voordat ik ze goed herken.
In de potten ontdek ik zoethout, stroopsoldaatjes, kaneelbrokken en andere ouderwetse zoetigheden. In grote manden voor de toonbank liggen witten puntzakjes, slordig in elkaar gevouwen. Ik moet moeite doen om in het heden te blijven, maar dat lukt niet helemaal.
Blij met de klant die voor me is, neem ik de winkel verder in me op.
Aan de rechterkant is een tweede toonbank met daarachter schappen die reiken tot aan het plafond. De apothekerspotten staan netjes naast elkaar, allemaal voorzien van hetzelfde etiket. Allemaal een andere beschrijving erop. Ik ben nieuwsgierig, maar ik kan het ook niet nalaten om ondertussen mee te luisteren met het gesprek tussen winkelier en de klant voor me.
Een dame van rond de tachtig schat ik. Ze is op zoek naar Borax. ‘Om schoon te maken,’ verduidelijkt ze. ‘Of moet ik dan zuiveringszout hebben?’ Weifelend kijkt ze naar de grote man voor haar. Deze schudt zijn hoofd. ‘Wat wil je ermee doen?’ vraagt hij. ‘Natuurlijke schoonmaakmiddelen maken,’ verduidelijkt ze.
De man knikt. ‘Dan moet je Bakingsoda hebben,’ zegt hij en hij pakt een grote pot.
Verward kijkt ze hem aan. Hij ziet het en legt uit dat Bakingsoda niets met bakken en koken te maken heeft.
Ze zucht.
‘Ik had het op Pinterest wel gelezen,’ zegt ze dan, ‘maar ik dacht dat ik het verkeerd begreep. Er zijn zoveel leuke dingen op Pinterest te vinden over dit soort dingen,’ vervolgt ze dan enthousiast haar verhaal.
De ogen van de man ontmoeten de mijne en beiden grinniken we wat.
Oud en nieuw ontmoeten elkaar hier met recht.
Als ze vijf minuten later de winkel verlaat ben ik aan de beurt.
Als ook ik klaar ben met afrekenen opent hij een grote pot met enorme salmiakbrokken.
‘Voor onderweg,’ zegt hij. Dan opent hij de winkeldeur voor me. De grote bel boven de deur klingelt. En plotseling sta ik weer in een drukke winkelstraat middenin mijn stad. Het schakelen gaat minder snel dan toen ik de winkel inkwam.
De hele dag blijft een nostalgisch gevoel van heimwee om me heen hangen.
Ach…

ot en sien

 

Goodbye mr. Lawrence

David Bowie is dood. De popwereld is in rep en roer.
Ik kom erachter dat ik zijn muziek natuurlijk wel goed ken – er zijn liedjes die ik meezing, die ik op een bepaalde koester omdat het aan mijn jeugd doet herinneren – maar om te zeggen dat ik fan ben of was? Of om te beweren dat hij een jeugdheld van me was… nee, dan kan ik niet. Dat zou een leugen zijn.
Van wie was ik dan wel fan?
Ik weet het niet. Ik moet heel goed nadenken.
ABBA vermoed ik. Met mijn vriendinnen oefende ik urenlang danspasjes om deze vervolgens voor de klas uit te voeren. Later kwam Duran Duran erbij, Fleetwood Mac, Queen en The Bee Gees.
De muziek die vroeger bij ons thuis veel werd gedraaid is volgens mij de muziek die ik nu nog steeds het meeste luister. Vooral Country.
Pas op latere leeftijd ben ik me meer gaan verdiepen in de muziek. En mijn muzieksmaak vliegt alle kanten op. Vandaag Pearl Jam, morgen Bløf. Of Deep Purple, Pink Floyd, Boudewijn de Groot, Adèle, The Eagles, The Beatles, klassiek muziek, Jazz… ik vind alles leuk.
Maar fan van iets of iemand? Nee, daar ben ik misschien te nuchter voor…
Blijft niet als een paal boven water staan dat 69 jaar echt veel te jong is om dood te gaan.
Ook voor David Bowie…

David Bowie

52 boeken – 1 = 51 boeken (Big Magic van Elizabeth Gilbert)

De kop is eraf! Het eerste boek van 52 heb ik uit. Met grote dank aan Janny die ervoor zorgde dat ik dit boek nog wel even op de leeslijst plaatste!
Waar gaat het boek nu over? Het is een wandeltocht door je eigen leven om de obstakels en valkuilen die je onderweg tegenkomt om je droom maar liever toch niet na te jagen inzichtelijk te maken. Talenten behoren aan anderen. Of…?Op een heldere en komische manier spreekt Elizabeth Gilbert je toe dat je wel kunt gaan zitten wachten tot je talent zich ontwikkelen gaat, maar dat het wellicht slimmer is om het heft in eigen handen te nemen. Ergens halverwege schrijft ze:

Elizabeth2

Elizabeth3
Het is de toon die zo’n beetje door het hele boek loopt.
Sommigen vinden dat leuk, anderen niet.
Ik moest er wel om lachen. Hoewel er ook passages bijzaten waarbij ik dacht: Ja, nu weet ik het wel. Ga maar door!
Toch heeft het me ook iets geleerd.
Klagen over te weinig tijd heeft geen zin. Als je écht iets wilt (en dan bedoel ik: écht héél erg graag wilt!) dan gaat het je lukken. Is het niet linksom, dan wel rechts.
In mijn geval dus: tv uit en schrijven. Of lezen. Of beiden!
Schrijven is hard werken en als ik nog steeds denk dat er iemand morgen voor mijn deur staat die zegt: ‘Goh, wij dachten hè, misschien, heel misschien hoor, zou je het wel leuk vinden om bij ons te komen schrijven. Als je wilt natuurlijk…’ dan ben ik echt nog dommer dan ik dacht.
Al met al vond ik het een leuk boek.
Misschien iets teveel op schrijvend publiek gericht (hoewel Elizabeth Gilbert in het boek anders beweerd), maar hé, dat is iets wat ik graag doe, dus voor mij was het helemaal goed!

Elizabeth1