Maandelijks archief: juni 2016

Ter observatie

Het is me ooit een keer verweten door een leidinggevende. Ze wilde weten wat ik dacht, zag, vond en voelde in zo’n ‘laten-we-elkaar-eens-goed-leren-kennen-sessie’ tijdens van die populaire heidagen die tegenwoordig overal gehouden worden op serieuze werkplekken. Ik had mijn schouders opgehaald en gezegd dat ik er niet zoveel van vond eigenlijk. Iedereen recht op z’n eigen mening en daar vooral respect voor hebben. Bovendien, zo veilig was die omgeving niet om mijn mening pontificaal op tafel te gooien.
Dat zei ik dan weer wel.
‘Misschien moet je eens ophouden met eeuwige observeren van je en de dingen gewoon eens doen,’ beet ze me toe.
Daar zat ik dan met mijn goede gedrag. Nadenkend over wat ze me net had verweten.
Ja, ze had gelijk. Ik ben een observeerder. Ik kijk graag. Naar mensen, dieren, situaties, gedragingen. Ik vind het heerlijk om van een afstandje mensen gade te slaan. Om te zien hoe ze met elkaar praten, lachen, boos worden op elkaar. Hoe ze elkaar begroeten of afscheid nemen. Het liefst leg ik het ook nog op de gevoelige plaat vast. Of in een verhaaltje! 🙂
Afgelopen zondag haalde ik oudste op bij het station. Wachtend in de auto zag ik hoe een stel de auto parkeerde en snel het station inrenden. Niet veel later kwamen ze terug, breeduit lachend met allebei een cadeau in hun handen. Gierend van de lach gaven ze elkaar nog even een high five, voordat ze in de auto stapten en weer wegreden. Waarschijnlijk onderweg naar de vaders, gezien de datum van die dag. Misschien zelf wel meer lol hebbend om hun pakje dan de vaders later op de dag.
Een jongeman kwam de trap op en sprong bijna in de armen van een oudere man. Enthousiast klopten ze elkaar op de schouders, waarna de oudere man met twee handen het hoofd van zijn jongere versie naar hem toetrok en een dikke kus plantte op het voorhoofd.
Een echtpaar sleepte een grote koffer achter zich aan. Aan het verbeten gezicht van haar te zien was de reis niet geheel vlekkeloos verlopen en toen hij ook nog een opmerking maakte bevroren haar schouders in een flits. De blik die ze hem toeworp was niet eentje die een gezellige avond voorspelde, maar ach, je weet het nooit… Misschien hadden ze een lange reis achter de rug en waren ze gewoon moe. Een hapje eten of een klein dutje maakt veel goed.
Een vader greep precies op tijd zijn tweeling in hun nekvel, voordat ze de straat over renden, vlak voor een vertrekkende taxi. Opa en oma sloegen van schrik hun handen voor hun monden. Dat was net goed gegaan…
Toen herkende ik in de verte de loop van een jongeman. Daar kwam er eentje van mij aan, geen twijfel mogelijk!
Ook iets dat je leert van observeren.
Dus…

fotos

Advertenties

Detox!

Ik besloot het in 10 seconden. Ik ga een detox doen! Sterker, ik ga deze detox doen en ik ga het snel doen.
Mijn collega keek me nog net niet aan of ze water zag branden. Volgens mij had ze nog nooit zo snel een kuur verkocht als nu. Maar ik wist het zeker. Deze keer zou ik gaan detoxen.
Schoonmaken dat lijf!
Ineens was ik het spuugzat dat mijn lichaam na mijn ziekenhuisopname van afgelopen december nooit meer echt de oude was geworden. Hardlopen, yoga, vroeg naar bed gaan, pro-biotics slikken, alles leek tevergeefs. Mijn lijf bleef zwaar, voelde opgeblazen en lomp. En omdat ik nu eenmaal weiger om alles maar op die overgang te gooien, besloot ik in die 10 seconden dat ik zou gaan detoxen.
Zo gezegd, zo gedaan.
Ik lichtte mijn lief in en een week later stond er een grote doos met alle spullen die ik nodig had voor 9 dagen detox op mijn aanrecht.
Eigenlijk is detox heel eenvoudig.
Neem een paar dagen om het eten wat af te bouwen (heb ik zelf maar verzonnen). En dan begint het:
De eerste twee dagen eet je… niets! Nou ja, bijna niets.
De eerste twee dagen bestaan namelijk uit: Aloë Vera gel, Aloë Vera gel, Aloë Vera gel en nog meer Aloë Vera gel. Zoveel Aloë Vera gel, dat het op het laatst je strot uitkomt!
Lekker? Nou… nee, niet echt. Maar de smaak blijft gelukkig niet lang hangen, dus… vooruit maar!
Tussen de middag mag er gelukkig nog wel een shake gedronken worden, maar daar blijft het dan toch echt wel bij…
Overbodig om te vertellen dat je deze eerste dagen wel met een hongerig gevoel rondloopt…
Vanaf dag drie wordt diezelfde shake ook nog tijdens het ontbijt gedronken. Hiep, hiep hoera! En… als kers op de taart, mag je vanaf dag drie ook nog eens een lichte avondmaaltijd gaan gebruiken. Dit hou je vol tot en met dag 9 (waarbij de verrassing in de laatste dag zit, want dan wordt je tussen-de-middag-shake weer vervangen door een heel lichte, normale lunch! Moet niet gekker worden…).
Tussendoor drink je liters water, kruidenthee en nog meer water. O ja, en voedingssupplementen. Die moet je ook slikken.
Op af en toe een rommelend hongergevoel na is het eigenlijk allemaal best wel goed vol te houden, als ik eerlijk ben. Gelukkig zijn er tegenwoordig massa’s kruidentheeën te koop die ook nog te pruimen zijn, dus ook dat valt allemaal wel mee.
En het resultaat?
Nou, eigenlijk ben ik wel een blij mens.
Op die ene down-dag (op de vijfde dag) na voel ik me best wel goed. Gisteren vertelde ik zelfs aan een collega dat ik aan het detoxen was en zij was helemaal verbaasd. Ze had niets aan me gemerkt. Geen bozige hongerklop, geen narrig mens. Dat zegt genoeg.
En mijn lijf?
Mijn lijf is ook blij. Heel blij zelfs!
Ik heb bijvoorbeeld bijna geen bodylotion meer nodig, alles voelt babyzacht en glad aan. Mijn nagels breken niet meer. Mijn buik voelt niet meer opgeblazen en dat pijnlijke blauwe-plekken-gevoel in mijn dikke darm lijkt zowaar verdwenen. De energie moet nog een beetje terugkomen, maar hé, ik ben pas vanaf vandaag weer wat normaal gaan eten! Ik heb er wel vertrouwen in dat dát herstelt.
Wat me misschien wel het meest heeft verrast, is dat niet alleen mijn lijf, maar ook mijn geest aan het ontgiften lijkt te zijn geslagen. De mist in mijn hoofd is aan het optrekken en sommige dingen zie ik ineens heel duidelijk. Persoonlijke dingen, heftige dingen, dingen die me de afgelopen jaren ontzettend bezig gehouden hebben zie ik plotseling kristalhelder! Het is er natuurlijk altijd wel geweest, maar altijd in nevelen gehuld. Deze zijn weggetrokken. Geweldig!
Daar ben ik misschien wel het meest blij mee.

O ja, nog een klein bijkomend voordeel:
– 3,9 kilo
– 4 cm op de heupen
– 5,5 cm op de bovenbenen
– 5,5 cm in de taille
– 5 cm van mijn buik

Ik bedoel maar…. 😉

strong women get things done

Passie

Een poosje geleden vertelde ik dat ik een artikel had gelezen over hoe je van je passie je werk kunt maken. Op dat moment pikte ik alleen de eerste vraag eruit om voor mezelf te beantwoorden. Mijn held(in), mijn voorbeeld. 
Van meerdere mensen kreeg ik het verzoek om de andere vragen ook nog even te delen. Dat wil ik graag doen natuurlijk, maar niet zonder de auteur van dit artikel te benoemen. Al een tijdje lees ik mee bij Lodi Planting. Niet altijd volg ik zijn beweringen, soms vind ik het net allemaal iets té, maar soms laat hij me even nadenken. En daar gaat het me toch eigenlijk om.
Ook met deze zeven vragen dus.

  1. Wie is jouw held/heldin? Beroemdheid en/of iemand uit je omgeving.
  2. Wat zal er worden gezegd als jij afstudeert of weggaat bij je bedrijf?
  3. Wat zou je doen als geld en tijd geen issue was?
  4. Wat deed je graag als kind?
  5. Wanneer heb je eer van je werk?
  6. Wanneer doe je dingen moeiteloos?
  7. Wat zou je morgen doen als je wist dat je niet kon falen?

Bij vraag 2 gaat het bij mij al fout. In mijn hoofd hoor ik mensen zeggen: ‘Ben je nu helemaal gek geworden? Je hebt een vaste aanstelling, een leuke baan, fijne collega’s en bovendien heb je financiële verplichtingen!’ Vooral dat laatste drukt zwaar op mijn schouders. Ja, we hebben een huis, mét hypotheek en kinderen die we zo nu en dan ook nog willen ondersteunen als het moet of als we er zin in hebben. Dus… moeilijk!
Als geld en tijd geen issue was (vraag 3) dan werd ik een hippie! Alles wat me lief is in een camperbus stoppen en lekker rondzwerven. De wereld zien. Gewoon af en toe werken voor het geld dat nodig is om op dat moment te leven. Eten, drinken, kleding. Veel heb ik niet nodig dan. Maar ja, ook mijn lijf wordt ouder en ooit komt er een tijd dat ik niet meer reizend mijn geld kan verdienen. Wat doe ik dan? En hup, ik ben weer terug bij vraag 2!
Vraag 4: als kind schreef ik al kleine verhaaltjes. Met een nichtje werkte ik zogenaamd aan ons eigen weekblad. Inclusief strip, horoscoop en interview. Dagdromen was iets wat zelfs op mijn rapport regelmatig terugkwam. ‘Joolzz zou minder uit het raam moeten staren, dan volgt ze misschien de lessen beter,’ was iets wat regelmatig terugkwam op de periodieke cijferlijsten. Ook had ik al vroeg een eigen fotostelletje en maakte hele fotoalbums – inclusief tekeningen en plaatjes die uit tijdschriften geknipt waren -. Dus als ik die dingen bij elkaar optel…
5. Eer van mijn werk? Als ik er zelf blij van wordt! 🙂
6. Als ik iets leuk vindt en het druk heb, de vrijheid krijg en mijn eigen weg mag volgen heb je geen kind aan mij! Maar ja, wie heeft dat niet?
Wat ik morgen zou doen als ik nu weet dat ik niet ga falen (laatste vraag)? Opleiding tot (foto)journalist volgen en de wereld rondtrekken!
Ach een mens mag toch ook nog wel een beetje dromen?

passie

Toeval?

Weken geleden zette ik het in mijn agenda: ‘5 juni: sushi eten met de nichten?’
Ik keek er echt naar uit! Niet in de laatste plaats om het gezelschap, maar sushi is ook wel een soort van lievelingseten geworden de laatste jaren. Daar waar ik vroeger alleen bij het woord vis al begon te griezelen, is een heuse liefde voor dit soort gerechten ontstaan.
Het werd weekend.
Zaterdag gingen we eerst oudste helpen die een compleet nieuw interieur had gekocht dat in elkaar gezet moest worden. Na mijn ochtendloopje vertrokken we dus naar Nijmegen.
Uur heen, uur terug en na vijf uur klussen heel wat spierpijn rijker. Ik verdraaide bovendien op een wel heel lullige manier mijn enkel, maar besloot dat sushi eten zittend gebeurde, dus… dat zou de pret echt niet kunnen drukken!
Vanmorgen werd ik wakker met hoofdpijn. Niet zomaar wat hoofdpijn, nee, zo’n serieuze hoofdpijn die bonkt door het hele hoofd. Links, rechts, het zat echt overal.
Anders ga je toch niet… fluisterde iets.
Vastbesloten om me dit etentje niet door de neus te laten boren slikte ik de favoriete cocktail bij pijn die ik van mijn collega had geleerd. En ik wachtte. Ik probeerde me te ontspannen en dronk ondertussen liters verse muntthee. Het bonken verminderde, maar helemaal weg ging het niet. Ik slikte dus nog maar wat tussen de middag, ik hoefde tenslotte pas om twee uur in de auto te stappen. Toegegeven, twee uur heen en twee uur terug voor een portie sushi is best veel. Maar gezelschap wil ook wat, dus ik had het er graag voor over!
Half twee en nog een anti-pijn-shotje verder besloot ik dat de hoofdpijn wel genoeg gezakt was om de reis te ondernemen.
Ik ruimde wat op en pakte mijn spullen.
Wáár waren mijn sleutels?
Het hele huis zocht ik af. Alle jaszakken en tassen werden overhoop gehaald en even twijfelde ik of ik voor het gemak maar lief zijn sleutels moest pakken. Ik moest zo ondertussen echt wel weg!
‘Nee, eigen sleutels vinden,’ fluisterde een stemmetje en dus zocht ik braaf door.
Na een kwartier bedacht ik me ineens dat ze weleens in de auto konden liggen. Ik had ze misschien wel tijdens het klussen in het dashboardkastje gelaten… Ik spurtte dus naar de auto en opgelucht viste ik mijn sleutelbos tussen de autopapieren vandaan.
Klaar om weg te gaan!
Voor de zekerheid toetste ik de route in de navigatie, mijn lief zou tenslotte thuis blijven.
Pffttt, ook dat ding werkte niet echt mee vandaag. Minutenlang zat ik te prutsen. Vaag voelde ik iets bonken in mijn hoofd. Vastberaden zette ik de navigatie uit. Dan zou ik het wel zonder doen. Het was tenslotte niet de eerste keer dat ik naar Twente vertrok!
‘Weet je het zeker?’ hoorde ik in mijn hoofd.
Lief en hondjes zwaaiden me uit. Ik draaide de snelweg op en besloot in stilte naar Twente te rijden. Geen herrie aan mijn hoofd, alle rust om eens alleen te zijn.
Vlak na de afslag bij Nieuwendijk ging ineens iedereen bovenop de rem staan. Een stuk waar je tegenwoordig 130 km/uur mag rijden, dus sommige auto’s moesten uitwijken naar de vluchtstrook. Ook ik drukte pompend het rempedaal in en sloeg met mijn hand op de knop om de waarschuwingslichten te activeren. In mijn achteruitkijkspiegeltje zag ik hoe een auto van de rechterbaan naar mijn linkerkant kwam. In volle snelheid. Ik zette me al schrap en zag hem toen een zwaai aan zijn stuur geven. Hij kwam naast mij tot stilstand. Zijn ogen vonden de mijne en flauwtjes lachten we wat naar elkaar.
Toen begon het grote wachten.
En wachten.
En wachten.
Sirenes snelden ons voorbij en mensen stapten uit hun auto’s.
Rode kruizen boven de weg gaven aan: geen doorkomen aan, al zou je het nog zo graag willen!
Ik zuchtte eens en draaide alle raampjes open. Op het dashboard wees de thermometer 31 graden aan.
Na drie kwartier kwam er wat beweging in de rij. Niet omdat we door konden rijden, maar omdat mensen over de vluchtstrook naar de eerste de beste afrit reden, terug naar… tja, naar waar eigenlijk?
Ik wikte en ik woog. Schoof weer een meter naar voren. Woog mijn gedachten nog een keer. En toen de bestuurder naast mij een gat met zijn voorganger wel heel erg lang open liet nam ik een besluit: ook ik zou teruggaan. Twee uur rijden om sushi te eten is best nog wel te doen. Maar drie tot vier uur zou zelfs voor mij te gek gaan worden.
Pas later in de tuin bedacht ik me: wat gek, mijn hoofdpijn is nu echt helemaal weg! En mijn enkel voel ik ook niet meer… En ineens flitste door mijn hoofd: wanneer ben jij eigenlijk ooit je sleutels kwijt geweest?
Ik werd er stil van…

listen