Maandelijks archief: augustus 2016

Stoer wijf (epiloog)

‘Ik ben nu al benieuwd naar je volgende aflevering!’
Het was een klein berichtje op mijn LinkedIn pagina van een collega als reactie op mijn eerdere berichten over hoe stoer ik me voelde na een lunch in mijn eentje op een terras in een vreemd land en mijn bergwandeling-avontuur.
Ik moest daar even over nadenken. Want, heel gek, wat voor een eerste keer heel stoer en onwennig kan lijken, is na een paar keer alweer een beetje gewoon.
Natuurlijk moest ik mezelf nog steeds over een drempeltje heen helpen als ik iets ging ondernemen de rest van die Oberammergau-week, maar dat had steeds te maken met het gevoel dat het met z’n tweetjes nu eenmaal gezelliger is dan in je eentje. Laten we eerlijk zijn, na een paar keer wat tegen mezelf gezegd te hebben was ik de eeuwige instemming wel een beetje beu. Ik vind het gewoon leuk om hele dagen te kletsen, te filosoferen met andere mensen en urenlang te bomen over van alles en nog wat.
Het hield me echter niet tegen om daarom maar in de tuin te blijven hangen.
Ik stapte dus op dag vier in de auto en reed naar Sloß Linderhof. Eenmaal aangekomen besloot ik mezelf op een rondleiding te trakteren en dus sloot ik aan bij een groep Fransen, Duitsers en Engelsen. Het grappige van Nederlander zijn is wel dat we meerdere talen spreken, dus toen ik de Duitse dochter tegen haar moeder hoorde zeggen dat ik waarschijnlijk alleen onderweg was en dat ze dat best wel zielig vond, moest ik glimlachen.
Zielig was misschien wel het laatste woord dat ik voor mezelf in gedachte had!
Op mijn gemak zwierf ik na de rondleiding door de tuinen. Heerlijk om kleine paadjes in te lopen, kleine dingen te fotograferen zonder dat er iemand op mij aan het wachten was.
Zo’n dikke twee uur later stapte ik weer in de auto en besloot: ik rijd door naar Garmisch Partenkirchen.
De stad is niet geheel onbekend en in de bergen rijden is gewoon leuk, dus… waarom niet?
De soep en het biertje smaakte die middag nog beter dan de eerste, onwennige dag. De zon scheen en ik leunde ontspannen achterover.
Ik overdacht deze bijzondere week en kon niet anders dan tot de conclusie komen: ik kan prima met mezelf overweg. Ik vind het gezellig met een ander erbij, maar ook alleen vermaak ik me prima.
Dat is toch een hele geruststelling!

woman

Advertenties

Druppelsgewijs

Mijn eerste (gast)column voor ‘Hoe vrouwen denken’!

Met nog maar een kleine vierhonderd kilometer te gaan, schenk ik mezelf een tweede glas verse jus d’orange in en pik nog even snel een versgebakken broodje met roerei mee naar de ontbijttafel. De ontbijtjuffrouw houdt vragend de koffiekan omhoog en ik knik snel. Heerlijk, nog even die verwennerij voordat we echt aan het laatste gedeelte van onze terugreis gaan beginnen!
Na een derde kop koffie is het dan toch tijd.
Mijn lief duwt me naar de hotelkamer en niet veel later lopen we de trap af. Terwijl mijn lief afrekent schiet ik nog even snel de wc in. Zo’n ontbijt is niet alleen gewicht voor het lijf, maar zeker ook voor mijn blaas.
Als we tien minuten later onderweg zijn vraag ik mezelf af of ik nu echt wel goed heb uit geplast. Het voelt allemaal nog zo… vol.
Na een half uur verlaten we de bochtige wegen en draaien een wat bredere weg op.
‘Eh, moeten we nog tanken?’ vraag ik.
‘Niet echt. Maar misschien kunnen we het wel even doen, de Diesel is hier goedkoper dan bij ons. De tank kan maar vol zijn. Hoezo?’ Mijn lief kijkt me onderzoekend aan.
‘Nee, niets. Dat bedacht ik me ook,’ antwoord ik. Ik draai even van mijn linker- op mijn rechterbil.
Mijn lief draait het eerste tankstation in dat we tegenkomen.
De rollen zijn goed verdeeld: hij tankt, ik reken af. En ik ga nog even plassen.
Bij het afrekenen krijg ik een flesje bruiswater mee. ‘Actie van de dag,’ lacht de man. Ik lach terug en draai de dop van de fles zodra ik weer op de passagiersstoel plaats neem.
‘Actie van de dag,’ knik ik. ‘Lekker! Heeft een vleugje framboos.’
Een uur lang praten we en zingen vooral mee met de muziek op de radio. Omdat ik het niet kan laten swing ik wat mee. Langzaam voel ik de druk toenemen. Met een schuin oog kijk ik naar mijn waterflesje. Bijna leeg…
Oeps
Ik durf bijna niets te zeggen. Op het moment dat we een Raststätte voorbij rijden kreun ik: ‘Ik moet eigenlijk wel plassen… Kunnen we bij de volgende mogelijkheid misschien even stoppen?’
Mijn lief kijkt me verbaasd aan.
‘We rijden net… Nou ja, laat maar. Ik hoop voor jou dat we nog iets tegenkomen nu, maar ik ben bang dat je moet wachten tot we bij de grens zijn, hoor.’
Ik knik en bijt even op mijn onderlip. Ik moet nodiger dan ik denk…
Het duurt inderdaad nog vele kilometers en pas in Nederland draaien we de parkeerplaats van een MCDonalds op. Voorzichtig stap ik uit. Niet gaan druppelen nu…
Tien minuten later stap ik opgelcuht de auto in. Nog maar 80 kilometer te gaan!
Eenmaal thuis loop ik linea recta naar mijn eigen toilet.
‘Help je niet eerst even met de tas… Laat maar,’ roept mijn lief dan.
We zijn thuis!
Druppelsgewijs.

plassen