Tagarchief: Buren

Bouwvrouw

Iedere ochtend, als ik de gordijnen openschuif, springt onze hond tegen me op. Hij wil opgetild worden. Vanaf die plek heeft hij een geweldig uitzicht over de straat en kan hij alles in de gaten houden. Ik kijk met hem mee, want niets is leuk dan samen de straat in te kijken terwijl het leven van die dag langzaam op gang komt.

De krantenjongen, klaar van zijn ronde, fietst regelmatig voorbij als wij daar zo staan. In de afgelopen weken heeft zijn wollen muts plaats gemaakt voor een pet. Niet recht op zijn hoofd geplaatst, niet achterstevoren, maar altijd wat schuin. Zijn hoofd beweegt mee op, wat ik vermoed, de muziek die hij door zijn oortjes beluisterd.

De buurman van verderop loopt voorbij met hun hond. Aan het uitrekken van de nek van Teun merk ik dat hij eraan komt. Hij ziet het eerder dan ik.

Ik kijk liever naar de werklui die het huis van de overburen in de afgelopen maanden volledig hebben gestript en opnieuw opgebouwd. Mannen met baarden kwamen en werden weken later vervangen door mannen zonder tanden. Of in ieder geval de helft van hun gebit.
Ergens in de laatste weken werd er een nieuw element aan de groep toegevoegd.
Tussen al die grote mannen, met handen als kolenschoppen, loopt sinds een dag of tien een vrouw rond. Ze zegt niet veel, ze pakt haar spullen uit de auto en loopt naar binnen. Voorbij de mannen die haar af en toe toeknikken, maar geen woord met haar wisselen.
Ze rookt niet een sigaretje mee met de bouwmannen, drinkt haar koffie misschien al thuis en gaat aan de slag als ze bij het huis aankomt. Vaak is dat de enige glimp die ik van haar zie. De mannen lopen heen en weer, zij lijkt opgeslokt door het huis.

De afgelopen twee dagen was ik thuis. En toen zag ik haar plotseling wat vaker. Rond koffietijd zat ze buiten, een grote mok in haar ene, een sigaret in haar andere hand. Links van haar zaten een paar mannen te praten met elkaar. Zij bestudeerde een bouwtekening , samen met twee anderen. Met haar pink wees ze iets aan op het blad, terwijl ze haar ogen eventjes dichtkneep om de rook van haar sigaret te ontwijken. De twee mannen knikten instemmend. Een van hen pakte een potlood en maakte een aantekening.
Een laatste slok van haar koffie, de sigaret was ook bijna op.
Toen stond ze op en ving mijn ogen.
Met een grote glimlach knikte ze me toe en ging weer aan het werk.
De bouwvrouw aan de overkant van mijn huis.

– Foto Pinterest –

Advertenties

Heldere hemel

Het gebeurt me de laatste jaren steeds minder, maar gisteren was het er ineens weer. Herinneringen aan mijn ex.
Nu was de aanleiding vrij logisch. Tijdens de straatborrel vertelde de buurvrouw die aan de andere kant van de straat woont dat zij en haar man uit elkaar waren. Nou ja, eigenlijk zei ze dat hij haar verlaten had. Klinkt dramatischer. Is het waarschijnlijk ook.  In ieder geval voor het gevoel.
Ik knikte bij haar vragende ogen, want ja, ook in deze echt Nederlandse straat snelt dit soort nieuws vaak de persoon vooruit. Ik had het al gehoord inderdaad. Tevreden dat ze niet meer hoefde uit te leggen dat het echt waar was vervolgde ze haar verhaal.
Nee, ze snapte er niets van. Het was als donderslag bij heldere hemel gekomen en ja, ze hadden gewoon een goed huwelijk gehad. Niets had ze gemerkt van zijn verliefdheid, zijn afwezige momenten.
Dát was het moment dat ik weer aan mijn ex moest denken.
In ons geval was ik degene die de knoop doorhakte. Na jarenlang praten, zelfs een flink aantal maanden relatietherapie en veel passen en meten met het gevoel.
Toen na zo’n dikke zes jaar de koek echt op was, alle overgebleven kruimels gezocht en verorberd waren en ik tot mijn grote afschuw ontdekte dat ik verliefd was geworden op mijn lief was het voor mijn gevoel niet eens tijd dat ik de beslissing ging nemen, maar eigenlijk gewoon veel te laat. Op die bewuste zondag vertelde ik mijn ex dat ik nu écht, écht de stap ging nemen. Tranen, smeken, dreigen, het zou nu serieus geen zin meer hebben. Ik had mijn besluit gemaakt. Ik ging weg en daar moesten we allebei een weg in zien te vinden.
Nog steeds hoor ik hem aan anderen vertellen dat het als donderslag bij heldere hemel kwam en nog steeds voel ik de verbijstering van het niet begrijpen dat hij zoiets met droge ogen kon beweren. Zijn woorden ‘Maar we hebben toch een goed huwelijk?’ klonken bijna te bizar om ze nog serieus te nemen.
Pas veel later, toen zowel hij als ik hertrouwd waren, begreep ik iets meer van zijn reacties. Natuurlijk kwam mijn beslissing voor hem niet écht als een donderslag bij heldere hemel, maar als hij er echt nog van overtuigd was dat hij gelukkig was in ons huwelijk was het op z’n minst een schok voor hem. Ik denk dat aan het eind van een huwelijk iedere partij zo met zichzelf bezig is dat het moeilijk is om het gevoel van de andere partij in te schatten, laat staan ze te doorvoelen.
Ik keek gisteren dus naar mijn buurvrouw van verderop in de straat en zag mijn ex.
En weer had ik het gevoel dat ik hem een stukje beter begreep.

uit elkaar