Tagarchief: Connie Palmen

Nederlandse literatuur #11 en #12

Afgelopen weken las ik twee boeken van mijn literatuurlijst Nederlands.
Huh? Literatuurlijst Nederlands? Terwijl ik al 50 ben en al lang, heel lang geleden ben geslaagd voor mijn eindexamen? Nou ja, niet écht voor mijn literatuurlijst natuurlijk. Ik zou bijna zeggen: godzijdank! Er is in mijn leven maar één periode geweest waarbij ik het lezen vervloekte en dat was tijdens mijn examenjaren. Bijna, bijna was ik bang dat dit mijn hele leven zou blijven, maar gelukkig kwam de liefde voor het lezen na die moeizame jaren van verplichte kost weer terug. Toen kon ik weer lezen wat ik gewoon graag las!
Goed.
Afgelopen week las ik dus twee Nederlandse Literatuurschrijvers, met een hoofdletter L.
Eerst worstelde ik mezelf door Connie Palmen heen, met haar laatste boek: Jij zegt het. En een worsteling was het. Louter en alleen het gevoel van: ik zál je lezen, hoe dan ook!, voorkwam dat ik het boek niet de hoek insmeet. Niet dat Conny niet kan schrijven… O nee, het is literatuur van de bovenste plank! En daar zit nu juist het probleem. Ik ben blijkbaar geen lezer voor die bovenste plank. Sommige zinnen duurde een halve bladzijde lang en dan nóg wist ik niet precies wat ik gelezen had. Op zich intrigeerde het verhaal me wel. Het huwelijksleven van Sylvia Plath en Ted Hughes beschreven door de ogen van Ted, die nu gewoon al jaren dood is. Je moet het maar kunnen (en durven!) zo over een leven te schrijven, terwijl je de man van z’n lang-zal-ze-leven nooit ontmoet, laat staan gesproken hebt! Groot voordeel van dit boek is misschien wel dat ik veel nieuwe (Nederlandse) woorden heb geleerd. Groot nadeel is dat die woorden zo moeilijk zijn dat ik de helft alweer vergeten ben.
Al met al een boek waarvan ik blij was dat ik de laatste letter gelezen had en hem weg kon doen!

connie

Toen was het tijd voor Adriaan van Dis met zijn laatste boek: Ik kom terug.
Adriaan leest fijner. Makkelijker. Herkenbaarder. Hoewel dat laatste is misschien niet voor iedereen zo is.
Adriaan schrijft vanuit zijn Indische achtergrond en dat is voor mij erg herkenbaar, iets dat niet voor iedereen zal gelden dus.
Ik heb al meer van hem gelezen, met heel veel plezier, zodoende had ik wel zin in dit exemplaar.
Het hele stervensproces van zijn moeder wordt door hem op een intense, soms hilarische manier beschreven. De wens van zijn moeder om dood te gaan wordt bijna een bevel.

‘… Op een kronkelweg gaat de telefoon en ik schrik uit mijn autodromen. Mijn moeder roept me naar het heden: ‘Indië houdt me zo wakker.’ En of ik de volgende keer bonbons mee wil nemen. Ik zet de auto aan de kant en neem haar bestelling op: pistachetruffels, kaasvlinders, amandelkrullen, die lekkere van Huize van Laack – de hofleverancier.
Ja, majesteit.
‘En pillen? Denk je nog aan de pillen. Of zullen we naar Zwitserland gaan?’
Hè, ja, gezellig sterven in een hotelbed met een zak over je kop.
Twee reeën steken de weg over – hun oortjes trillend, gespitst op onraad.
Horen ze haar stem? Haar dwingende stem: ‘Doe iets, doe iets.’
Ik geef geen antwoord. Ze smijt de hoorn erop.
Ik zal haar verlossen. Verlossen van verhalen, en als ik flink ben zal ik haar verlossen van het leven en haar hand vasthouden.’

Adriaan van Dis schrijft zoals hij spreekt. Het was net of ik zijn stem in mijn hoofd hoorde terwijl ik opgekruld in een hoekje van de bank soms zat ze gniffelen om wat zijn moeder hem allemaal opdroeg, om vervolgens ontroerd te raken als ik de gekwetste jongen in het boek tegenkwam.
Een erg mooi en aangrijpend boek!

adriaan2

 

Advertenties